Meet the models: filmmaker Aboozar Amini

rialtoNews

Fotograaf: Bas Losekoot

Voor zijn werk is de Afghaans-Nederlandse filmmaker Aboozar Amini (1985) met regelmaat terug in Afghanistan, met alle gevaren van dien. ‘Wat mij drijft is te laten zien hoe het leven daar toch zijn weg blijft vinden. De schoonheid van het overleven.’ Eerder werden twee van zijn films geselecteerd voor World Cinema Amsterdam en vertelt hij graag wat het festival voor hem betekent. Genoeg om dit jaar campagnemodel te willen zijn, dat is zeker.

 

Een gesprek met Aboozar is bijzonder. Met zijn rustige manier van spreken weet hij in korte tijd diepe indruk te maken door te vertellen over zijn werk, waarin hij vaak een speelvlak opzoekt tussen documentaire en fictie, bijvoorbeeld door niet met acteurs te werken maar met echte mensen. ‘Ik maak wat ik vind dat gemaakt moet worden, zonder compromissen. Het is gevaarlijk om te filmen in Kabul, dat zeker, maar toch wil ik het doen. Dit zijn de verhalen die ik wil vertellen, het echte leven van de Afghanen laten zien. Ik probeer het leven dat gewoon doorgaat te portretteren. De wil om te leven, de lach die ze toch weer weten te vinden. Vooral bij kinderen. Ik heb als Nederlandse filmmaker toch een unieke positie daar en heb toegang tot dat land, daar wil ik gebruik van maken.’

 

Geen Bollywood, maar het echte leven

Zijn manier van filmen is daar niet gebruikelijk. Mensen dachten dat Amini een soort Bollywoodfilms kwam draaien. Dat is daar een populair genre. Wat vonden ze ervan op die manier gefilmd te worden? ‘Ze snapten niet goed dat ik kwam om hún te filmen, om hun verhaal te vertellen. Ze zijn dan ook altijd verbaasd als ze het resultaat zien. ‘Hee, het is écht een film’, zeggen ze dan. Ik ben niet op zoek naar de ellende in Afghanistan. Dat verhaal kennen we al. Ik wil juist de andere kant laten zien. Ik probeer altijd een verhaal vanuit mijn hart te vertellen, dan bereik je mensen het best.’

 

Wereldcinema: verwant met Japan

‘Ik heb veel interesse in Kurdistan, vooral in het Turkse gebied. Ze maken er goede films! Mijn grote inspiratie voor de cinema komt uit Japan, de klassieke films uit de jaren ’50, net na de oorlog. Die regisseurs van toen voelden zich verantwoordelijk om hun land staande te houden na de oorlog, daar ligt de magie. Ik ben ergens ook nog bezig met de oorlog in Afghanistan en wat ik kan betekenen als cineast. Dus ik voel ook wel een soort verwantschap met de Japanse filmmakers van toen.’

 

World Cinema Amsterdam

‘Er is een kans dat ik in Kabul ben om te filmen tijdens het festival, maar anders kom ik zeker langs. Er gaat zo’n kracht uit van het festival! Ik hou sowieso van kleine festivals. Het is intiem, gepassioneerd en je bereikt mensen echt. Het is heel persoonlijk, het delen van je werk met een zaal vol mensen die je daarna ook vragen gaan stellen. Maar juist dat toegankelijke vind ik de kracht ervan. Het heeft een goede en gedurfde selectie. Je ziet films die je nergens anders kan zien, uit landen waarvan je niets eens wist dat ze een filmindustrie hadden en dan blijkt het echt iets magisch te zijn. En volle zalen, in augustus! Het was voor mij echt een eer om gevraagd te worden voor het festival. Na de voorstelling tijdens de q&a kwam ik in aanraking met wat Afghanen. Dat was heel leuk, want ik kende eigenlijk helemaal geen Afghanen hier. We hebben nog altijd contact. Ik vind het altijd enorm spannend om mijn werk te laten zien, maar ook mooi om te zien dat het iets doet met mensen. Dat het ze niet koud laat.’

 

Aboozar Amini werkt op dit moment aan een documentaire, een stadsportret van Kabul. ‘Kabul: Dystopean Symphony’. Ook is hij bezig met een fictiefilm, gebaseerd op een boek: ‘De cineast’, over een filmmaker die wordt opgepakt door de Taliban en weet te overleven door hun steeds nieuwe films te laten zien.

 

Eerder werden zijn films Angelus Novus (2015) en Where is Kurdistan? (2016) vertoond tijdens WCA.

Fotograaf: Bas Losekoot